Je vriendinnen roddelen alsmaar over een meisje in de klas. Wat doe je?
Bedenk: Als je meeroddelt, dan doe je mee met het pesten, je bent dan een meeloper. Zou je tegen je vriendinnen willen zeggen dat ze moeten stoppen, maar durf je niet omdat je bang zijn dat de vriendschap stopt? Denk na over wat vriendschap voor jou betekent. Denk ook na over hoe je het op een goede manier tegen ze kan zeggen. Als je niets doet, gaat het roddelen door en wordt het meisje de dupe. Hoe zou jij je voelen als jij dat meisje was?
Je wordt in de pauze altijd geduwd door dezelfde jongen als hij langs je loopt. Zijn vrienden lachen erom. Er staan anderen bij die het zien, maar niemand doet iets. Wat doe je?
Bedenk: De vrienden en degenen die er omheen staan weten misschien niet wat ze moeten doen, of zijn bang voor die jongen. Bekijk of je met één van de omstanders er op een ander moment over kunt praten en vraag dan of hij of zij jou wil steunen. Praat er met je mentor over en vraag advies.